Team historie

Erfenis

De roots van het Quick-Step Floors Cycling Team liggen in 2003 toen de ploeg debuteerde onder de naam Quick-Step - Davitamon. Vanaf 2003 tot en met 2010 werden meer dan 280 koersen en 16 grote klassiekers gewonnen. Paolo Bettini schonk de ploeg 2 Wereldbekers (2003-2004) en een Olympische titel (Athene 2004). Tom Boonen (2005) en Bettini (2006 en 2007) bezorgden de equipe 3 mondiale titels op de weg, Michael Rogers won driemaal het wereldkampioenschap tijdrijden (2003, 2004 en 2005).

In de Grote Ronden wist de ploeg 30 ritzeges te behalen: 16 in de Tour de France, 5 in de Giro d`Italia en 9 in de Vuelta a España. Richard Virenque pakte tweemaal de bolletjestrui in de Tour de France en is met 7 overwinningen in het bergklassement de onbetwiste recordhouder. Bettini wist in 2005 en 2006 de puntentrui in de Giro d`Italia te winnen, terwijl Boonen in 2007 de groene puntentrui in de Tour greep.

De cijfers maken duidelijk dat de ploeg een van de meest bekend formaties is en dat het een leidend team is in de klassiekers. Dit is vooral te danken aan de talenten van Tom Boonen en Paolo Bettini, die een onuitwisbare stempel hebben gedrukt op de historie van de ploeg.

2010-2012

In 2010 werd de ploeg overgenomen door de Tsjechische zakenman Zdenek Bakala. Het jaar 2011 werd een jaar van herstructureren en het voorbereiden van de ploeg op de toekomst. Het seizoen 2012 werd een buitengewoon succesvol verhaal. Onze ploeg behaalde fantastische resultaten, beter nog dan de doelen die gesteld waren. We waren dominant in de klassiekers en dankzij de steun van onze technische partners werden we een van de beste ploegen in de tijdritten. Onze zege op het wereldkampioenschap ploegentijdrit was het hoogtepunt van 2012.

2013

Het seizoen 2013 was opnieuw een geweldig jaar voor de ploeg. Met 63 overwinningen was OPQS de succesvolste ploeg van het jaar, ondanks dat Tom Boonen het grootste gedeelte van het jaar gemist werd. Mark Cavendish behaalde 20 overwinningen, waarmee de rol van OPQS in de grote ronden groter werd. Daarnaast waren er tijdritzeges van Tony Martin en zeges van jonge renners als Matteo Trentin en Zdenek Stybar, een beloning voor het scouten en opleiden van talent. De kroon op het 2013 was de tweede opeenvolgende wereldtitel ploegentijdrit. De overwinningen in 2013 werden door 18 verschillende renners behaald, waaruit blijkt dat er veel talent binnen de ploeg aanwezig was.

2014

In 2014 was Omega Pharma – Quick-Step voor het derde jaar het meest succesvolle team van het seizoen met 60 overwinningen (64 op de weg). Zdenek Stybar zette het jaar prima in met de wereldtitel veldrijden. Niki Terpstra zette het momentum voort met een ritzege en eindzege in de Tour of Qatar. Tom Boonen schreef ook 2 ritten op zijn naam in Qatar. Terpstra was vervolgens nogmaals succesvol in Dwars door Vlaanderen en zette de kroon op zijn voorjaar met winst in Parijs-Roubaix.

Rigoberto Uran kwam in 2014 bij de ploeg en toonde zijn kwaliteiten in de Giro d`Italia. De Colombiaan won de tijdrit van Barbaresco naar Barolo. Dat leverde hem de roze trui op, als eerste Colombiaan in de geschiedenis. Hij reed 3 ritten aan de leiding en werd uiteindelijk 2e in het eindklassement, waarmee hij de eerste OPQS renner op het eindpodium van een grote ronde werd. Tony Martin domineerde opnieuw in het tijdrijden. Hij won voor de tweede keer op rij de Ronde van België, was de beste in de tijdritten tijdens de Tour en Vuelta en voegde nog maar een Duitse tijdrittitel toe aan zijn palmares. In de 9e etappe van de Tour pakte hij ook een indrukwekkende solozege.

Matteo Trentin won net als in 2013 een rit in de Tour, waarmee hij een van de 19 OPQS renners was die zegevierde in 2014. Andere jonge renners als Guillaume Van Keirsbulck, Julian Alaphilippe, Julien Vermote en Petr Vakoc waren ook een of meerdere keren succesvol.

Michal Kwiatkowski zorgde voor het moment van het jaar. In de laatste kilometers van het Wereldkampioenschap snelde de Pool naar de regenboogtrui. Eerder in het seizoen was hij al succesvol in de Strade Bianche, de tijdrit tijdens de Tour de Romandie, het Poolse tijdritkampioenschap en een rit in de Tour of Britain. Ook pakte hij podiumplekken in de Waalse Pijl en Luik-Bastenaken-Luik.

2015

Op 21 juli werd op de rustdag van de Tour bekend gemaakt dat de toekomst van de ploeg verzekerd was tot 2017 dankzij de steun van Zdenek Bakala en diverse sponsoren.

In 2015 was Etixx – Quick-Step de officiële naam van de ploeg. In dit seizoen werden 56 overwinningen behaald, waarvan 54 op de weg. Voor het vierde jaar op rij behaalde de ploeg de meeste overwinningen binnen het profpeloton. Enkele hoogtepunten waren de winst van Michal Kwiatkowski in de Amstel Gold Race, de winst van Zdenek Stybar in Strade Bianche en de zege van Iljo Keisse in de slotrit van de Giro d`Italia.

In de Tour 2015 werden 3 ritzeges behaalde door Tony Martin, Mark Cavendish en Stybar. Martin reed enkele dagen in het geel na zijn ritwinst, maar moest op de dag dat Stybar won opgeven na een zware valpartij. Het beeld waarbij Tony door zijn ploegmaats over de streep wordt geduwd is een van de meest bekende herinneringen van de fans en de ploeg.

Het seizoenseinde werd ingeluid met een prachtige zege van Rigoberto Uran in de Grand Prix Cycliste de Quebec. Matteo Trentin zorgde voor een geweldig slotstuk door Parijs-Tours op zijn naam te schrijven. Met de ongelooflijke gemiddelde snelheid van 49,641 km/u kreeg hij ook de prijs ‘Ruban Jaune’ als snelste renner in een koers over 200 kilometer. In september 2015 maakte de ploeg de komst bekend van een nieuwe prestigieuze partner Lidl.

"Ik hoef niet de verbergen dat - naast ons imago en impact van de ploeg - het succes en de resultaten van de ploeg de sponsoren hebben overtuigd om verder te gaan”, aldus CEO Patrick Lefevere. “Dit is een product van een winnend team. Het is veel werk om de stukjes van een winnend team bij elkaar te krijgen. Ik ben erg trots op de staf waar ik elke dag mee kan werken om onze doelen te bereiken. Ik zorg voor mijn sponsoren en doe er samen met mijn ploeg alles aan om ze happy te houden. Op dit moment zijn we een van de meest gevestigde ploegen in het wielrennen. Dankzij de hulp van meneer Bakala en onze sponsoren kunnen we toewerken naar meer succes in de toekomst.”

2016

Etixx - Quick-Step begon het 14e seizoen met een collectieve zege in de ploegentijdrit van Tour de San Luis. De ploeg bleef winnen tot op het Wereldkampioenschap in Qatar. De ploeg greep daar tweemaal het goud: in de ploegentijdrit en met Tony Martin in het tijdrijden. 

Tijdens het seizoen prijkte Etixx - Quick-Step 9 keer bovenaan de rituitslag in een Grote Ronde. Vier Etixx - Quick-Step renners droegen een leiderstrui in een van de grote ronden: Marcel Kittel, Gianluca Brambilla en Bob Jungels in de Giro, David de la Cruz in de Vuelta. In de eendagskoersen was de formatie van Patrick Lefevere maar liefst 12 keer succesvol. In klassiekers als Parijs-Roubaix en de Waalse Pijl stonden er renners op het podium. In de rittenkoersen van ongeveer een week was er ook succes. Dan Martin werd derde in de Volta a Catalunya en het Criterium du Dauphine. Julian Alaphilippe schreef de Tour of California op zijn naam en was de beste jongere in de Dauphiné. Niki Terpstra was dan weer de beste in de Eneco Tour.

Marcel Kittel bevestigde opnieuw zijn status als een van de beste sprinters ter wereld met 12 zeges. Tom Boonen bewees op zijn beurt dat leeftijd slechts een getal is door een solide seizoen met 3 zeges neer te zetten. Luxemburgs kampioen Bob Jungels maakte indruk in zijn eerste seizoen bij de ploeg. In zijn eerste Giro d`Italia eindigde hij als 6e in het eindklassement en was daarmee de beste jongere. Neo-prof Fernando Gaviria liet zijn snelle benen meerdere malen spreken en won 7 keer.

18 van de 30 renners wonnen tenminste een keer in 2016. Dat onderstreept de sterke breedte en samenhang binnen de ploeg. De zegeteller stopte op 56 wegzeges, waarmee de kaap van 550 overwinningen voor de ploeg werd gerond.